door MediaTrainingBenelux | mrt 18, 2018 | Crisiscommunicatie
Waarom Dolf Jansen over Oxfam in DWDD in de fout ging
Sinds Dolf Jansen boos is weggelopen uit een aflevering van DWDD nadat hij door Matthijs van Nieuwkerk stevig aan de tand werd gevoeld over de betrokkenheid van Oxfam bij seksschandalen, krijg ik tijdens mediatraining alsmaar de vraag waarom dit interview zo ontspoorde. Hieronder leest u wat er volgens mij allemaal fout ging.
Allereerst denk ik dat Dolf Jansen iets te gemakkelijk in dit interview is gestapt. Als regelmatige gast bij een omroep die hem qua politieke kleur in de regel gunstig gezind is, dacht hij waarschijnlijk dit varkentje even te wassen. Maar zoals we allemaal gezien hebben waste het varkentje hem. Dat kwam waarschijnlijk vooral doordat hij zich onvoldoende had voorbereid. In aanvang was hij goed bezig. Hij gaf blijk van de ernst van de zaak en schreeuwde met volle overtuiging van de daken hoe vreselijk hij het allemaal vond. Maar met alleen dit soort dingen vreselijk te vinden, daar kom je niet mee weg.
Onderste steen moet boven komen
Na het betuigen hoe erg hij het wel niet vond, had hij nog een stap verder moeten gaan. Hij had moeten zeggen dat dit tot op het bot moet worden uitgezocht. Dat de onderste steen boven moet komen. Dat alles gedaan moet worden ’to prevent this from happening again’. In plaats daarvan legde hij uit dat Oxfam UK onder wiens supervisie de wantoestanden zich hadden voorgedaan en Oxfam Novib waar Dolf Jansen ambassadeur van is, twee aparte organisaties zijn. Ook al mocht dat zo zijn, dit valt niet uit te leggen. Oxfam is voor het grote publiek immers Oxfam. Net zoals het Rode Kruis, het Rode Kruis is.
Ook was het niet handig van hem om de misstanden in de katholieke kerk erbij te halen toen het over de vraag ging waarom het zolang geduurd had alvorens Oxfam naar buiten kwam. Matthijs van Nieuwkerk wees hem meteen terecht door te zeggen dat het daar nu niet over ging.
Geniepige vragen
Ondanks enkele geniepige vragen van Matthijs van Nieuwkerk (hoe bont moet Oxfam-Novib het nog maken alvorens je geen amassadeur meer wilt zijn….) kreeg Dolf Jansen weer wat meer greep op het gesprek. Hij legde op een geloofwaardige manier uit waarom hij ervoor gekozen had om ambassadeur te blijven in plaats van de handdoek in de ring te gooien, zoals ook bischop Desmond Tutu had gedaan.
Toen Jan Mulder zich vanaf de tribune er mee begon te bemoeien keerde het tij weer opnieuw in het nadeel van Dolf Jansen. Mulder stelde de terechte vraag dat uitgezocht moest worden wie binnen Oxfam wist van de misstanden. Door dit vervolgens als gelul te bestempelen, ging Dolf Jansen goed de fout in. Hij had juist mee moeten gaan met die vraag door te zeggen dat dit inderdaad tot op het bot uitgezocht moest worden. Gelukkig realiseerde hij heel snel dat hij hier een dikke kans had laten liggen. Veerde vervolgens alsnog mee, herhaalde nog eens hoe vreselijk het allemaal was, ook voor al die Oxfam-Novib-medewerkers die zich dagelijks de schompus werken. Maar echt overtuigend was het niet.
Geen raketwetenschap
Crisiscommunicatie, communiceren met de media tijdens een crisis, is geen raketwetenschap. Het werkt bijna altijd volgens het zelfde stramien: leedwezen betuigen, betrokkenheid tonen (ik vind het vreselijk), zeggen dat je de kritiek heel serieus neemt (maar niet alleen woorden), dat je diepgaand gaat onderzoeken wat en hoe dingen niet goed zijn gegaan ( ook daden…) en daar vervolgens lering uittreken. (te verbeteren). Dolf Jansen deed het eerste goed, maar op de andere onderdelen is hij gezakt. Maar ieder zijn stiel, gelukkig heeft hij meer verstand van cabaret…
door MediaTrainingBenelux | feb 14, 2018 | Crisiscommunicatie, crisiscommunicatie/crisis, Omgaan met de media
Crisissituaties beperken zich niet tot risicobedrijven zoals de petrochemische industrie. Iedere onderneming kan ermee te maken krijgen. Zelfs bedrijven die vakantieparken uitbaten. Dat heeft onlangs ook Roompot moeten ondervinden toen de landelijke pers massaal publiceerde dat het daar niet goed gesteld zou zijn met de schoonmaak. Dat de pers er zoveel aandacht aan besteedde kwam vooral door de niet zo handige communicatieaanpak van dit bedrijf.
Wie een beetje op internet rondsurft, ontdekt snel dat er bij de meeste vakantieparkenuitbaters geregeld klachten zijn over de kwaliteit van de schoonmaak van de vakantiewoningen. Roompot is daar zeker geen uitzondering op. Het bedrijf had echter de twijfelachtige eer om in een steekproef van de consumentenbond qua properheid het slechtst te scoren. Misschien gewoon botte pech tijdens die steekproef? Maar eigenlijk is dat niet zo relevant. Immers, perceptie is reality. Ofwel niet de feiten, maar wat wordt ervaren als de feiten, is wat telt.
Wie geschoren wordt, moet stilzitten
Een andere veel gehoorde uitdrukking in geval van een crisissituatie is: wie geschoren wordt, moet stilzitten. Maar de Roompot deed net het tegenovergestelde. Via gerechtelijke stappen probeerde de onderneming de publicatie van de steekproef tegen te gaan. Maar dat kwam als een grote boemerang terug. Op de koop toe meldden de kranten dat Roompot de persvrijheid zou hinderen. Ook zou het bedrijf onafhankelijk onderzoek en het informeren van de consument hebben belemmerd.
Roompot ging er met gestrekt been in
Ongezien hoe Roompot zich opstelde, vond de consumentenbond. Er zijn wel vaker bedrijven die het niet eens zijn met de uitkomsten van het onderzoek maar dat Roompot er zo met gestrekt been ingaat, had men daar nog niet meegemaakt. Temeer daar Roompot ook nog een onderzoekster op persoonlijke titel had gedagvaard. Dat verbaasde zelfs de rechter, zo schreef het AD. Gevolg van dit alles was dat Roompot niet alleen bij de rechter aan het kortste eind trok, maar daar bovenop nog een hoop extra negatieve aandacht over zich heen kreeg door haar pogingen tot censuur. Zo maakte het bedrijf dit incident alleen maar groter door op de feitelijke negatieve gebeurtenis ook nog een pr-incident te stapelen. Een klassieke fout in het genre van de fameuze pr-misser van BP-ceo Tony Hayward:
“I want my life back…” Aan ‘betreuren’ hebben consumenten een broertje dood
Ook de reactie die Roompot vervolgens aan de media gaf, kon beter. Kort samengevat kwam die erop neer dat het bedrijf het onderzoek betreurde en dat schoonmaken mensenwerk blijft. Er kan dus wel eens wat mis gaan. Maar woorden als betreuren en je verschuilen achter het feit dat schoonmaak mensenwerk is, dat is exact waar huidige en toekomstige klanten een broertje dood aan hebben. Wat ze wel willen horen is dat je het onderzoek van de consument heel serieus neemt, dat je onmiddellijk start met bijkomend onderzoek en als er ruimte voor verbetering is, je dit onmiddellijk zal doorvoeren. De klant moet uiteindelijk voor de volle 100 procent kunnen rekenen op schone en hygiënische accommodatie.
Over de auteur
Evert van Wijk woonde en werkte de voorbije 30 jaar afwisselend in Vlaanderen en Nederland. Hij is crisiscommunicatieadviseur, mediatrainer en auteur van verschillende boeken over mediatraining en debattechniek (www.mediatrainingbenelux.nl ). Ook schrijft hij boeken over cultuurverschillen tussen België en Nederland. www.cultuurverschillenbelgienederland.nl) door MediaTrainingBenelux | jan 28, 2018 | Crisiscommunicatie
Crisiscommunicatie Carrefour: strategisch sterk, maar qua uitvoering een drama
Het draait in de communicatie vaak niet om de argumenten, maar om de sentimenten, weet iedere communicatiespecialist. Doordat het management van Carrefour dat niet goed besefte draaide de aankondiging van het massa-ontslag bij dit bedrijf uit op een publicitaire ramp. Als excuus zei een woordvoerder van dat bedrijf dat het bewust geen geld wilde uittrekken voor dure mediatraining, want dat paste nu niet…
Nu is de vraag bij mediatraining vaak niet of het duur is, maar wel wat het kan opbrengen.
Met een beetje mediatraining had ze die gemakkelijk kunnen voorkomen. Penny wise, pound foolish, noemen ze zo’n visie. Maar die managementfilosofie hoort misschien wel typisch bij de mentaliteit van kleine en ook grote kruideniers…
Het was beslist allemaal goed bedoeld, maar als je zo stuntelig je boodschap neerzet als die dame van Carrefour, omdat je op mediatraining wilt besparen, dan wordt goedkoop, duurkoop. Had ze een middagje in een media/presentatietraining geinvesteerd, had het allemaal stukken beter gekund. Natuurlijk: we zijn niet allemaal Oprah Winfreys. Hoeft ook niet. Maar goed, geloofwaardig en authentiek presenteren kan bijna iedereen heel snel leren.
Ook qua regie was het optreden van de Carrefour-directeur ronduit amateuristisch. Alleen maar wisselingen tussen close ups en medium shots. Zo kwam ook haar non-verbale communicatie niet echt uit de verf, als ze daar überhaupt al over beschikte.
De achtergrond is mede bepalend
En dan die witte achtergrond. Ik zou haar geadviseerd hebben om bijvoorbeeld voor een boekenkast plaats te hebben genomen. Met boeken op de achtergrond, communiceer je wijsheid. Of in ieder geval toch al wat meer autoriteit dan nu het geval was. Zelfs Bill Clinton had dat al in de gaten ten tijde van de Lewinsky-affaire. Hij ging niet voor niks voor een boekenkast zitten toen hij verklaarde dat hij nooit seks had gehad ‘with that woman…’
Aan de andere kant verwacht niemand van een directielid dat je verhaal presentatietechnisch er super gelikt uit moet zien. Belangrijker is dat het authentiek en betrokken is. Nu werd het in dezelfde cadans op een nogal klinische wijze voor de autocue afgeraffeld.
Bouw je verhaal op als een krantenartikel
Natuurlijk en gelukkig ook draait het in de communicatie niet alleen om de verpakking. Want als de inhoud niet klopt dan komt het helemaal nooit goed. Maar helaas, ook inhoudelijk rammelde haar verhaal. Vooral wat opbouw en woordgebruik betrof. In de praktijk betekent dit: begin met het belangrijkste, ook al is die boodschap pijnlijk. Reik vervolgens in volgorde van belangrijkheid de argumenten aan die je betoog ondersteunen. Eigenlijk is het simpel. Bouw je verhaal op zoals een goed krantenartikel is geschreven. Maar het lullige was dat ze dat nu precies andersom deed.
Zo praat je niet met een kassière
En dan zoals gezegd, dat verschrikkelijke woordgebruik. Enorm veel afstandelijk managementjargon. Zo praat je echt niet met een kassière die haar baan dreigt te verliezen…
Al was er wel een verzachtende omstandigheid: in België heb je de zogenaamde wet Renault. Daardoor moet je bij nakend massaontslag doen alsof het allemaal nog niet zeker is maar slechts intentioneel. Dit om de vakbond de illusie te geven dat ze ook nog wat in de melk te brokkelen hebben. Hierdoor ben je als management gedwongen om in de voorwaardelijke wijs te praten en dat is lastig.
Strategisch sterk, maar qua uitvoering zwak
Toch was er nog een lichtpuntje. Vanuit strategische oogpunt was de communicatie van Carrefour niet helemaal kommer en kwel. Bij afvloeiingen gaat het namelijk ook om een communicatieslag die het bedrijf met de vakbonden moet voeren. En dan neem je beter als bedrijf het initiatief, wat ze ook gedaan heeft. Bovendien hechten medewerkers veel waarde aan informatie van het management omdat ze weten dat de info van de vakbonden veelal op veel meer (verborgen) agenda’s is gestoeld. Alleen jammer dat de gebrekkige operationele uitvoering van de communicatie van Carrefour de zaken in het honderd deden lopen…
Over de auteur
Evert van Wijk woonde en werkte de voorbije 30 jaar afwisselend in Vlaanderen en Nederland. Hij is crisiscommunicatieadviseur, mediatrainer en auteur van verschillende boeken over mediatraining en debattechniek (www.mediatrainingbenelux.nl ). Ook schrijft hij boeken over cultuurverschillen tussen België en Nederland. www.cultuurverschillenbelgienederland.nl) door MediaTrainingBenelux | jan 12, 2018 | Crisiscommunicatie, Omgaan met de media
Pete Hoekstra, Amerikaanse ambassadeur Nederland
Heeft zo’n Pete Hoekstra ( zie foto Elseviersweekblad) geen adviseur of
mediacoach die hem van te voren had kunnen vertellen dat hij met zijn opstelling naar de media geheid een bok zou schieten ter grootte van een olifant? Zo ga je misschien in een derdewereldland met de media om, maar in ieder geval niet in Nederland.
De aanloop van de aanstelling van Pete Hoekstra tot ambassadeur voorspelde al niet veel goeds. Tijdens een eerder mediaoptreden had hij al verklaard dat in Nederland no-go-areas waren waar auto’s en politici in brand worden gestoken. Maar, zo zei hij:
zijn woorden waren verdraaid. Dat had hij niet gezegd, maar dat laatste kun je natuurlijk nooit zeggen als je interview ‘on tape’ staat.
De sfeer ging van kwaad tot erger
De massaal aanwezige pers stond in ieder geval in rijen van drie klaar om hem tijdens z’n installatie als Amerikaans ambassadeur nog eens goed op het rooster te leggen. Pete Hoekstra dacht ermee weg te komen om zijn excuses aan te bieden. Zeggen dat hij dat niet bedoeld had. Maar dat was too less too little. Journalisten bleven doorvragen, lieten hem niet van de haak. Hij probeerde er wat overheen te praten en de pr-dame die de persmeeting leidde probeerde nog een paar journalisten het woord te geven waarvan ze hoopte dat die minder kritisch zouden zijn. Maar de sfeer ging van kwaad tot erger. “Zo werkt het hier echt niet meneer Hoekstra”, zei een journalist. Of je nu voor of tegen Hoekstra bent, die journalist had natuurlijk een overschot aan gelijk. Wat bleef hangen was een uiterst ongemakkelijke sfeer. Plus een stuntelige Pete Hoekstra wat hem de rest van zijn ambassadeurschap hier in Nederland zal blijven achtervolgen.
Waarom hebben Pete Hoekstra en zijn adviseurs de situatie zo uit de hand laten lopen? Want eerlijk gezegd: vanuit communicatie-oogpunt was die situatie toch redelijk eenvoudig te managen geweest. Als hij behalve zijn excuses gewoon gezegd had dat hij zijn uitspraak betreurde. Dat er in Nederland gelukkig geen no go areas zijn en dat er ook geen politici in brand worden gestoken. Maar dat Nederland, net als in de meeste andere EU-landen, te maken heeft met jiaddisme en andere uitwassen van de islam. En dat een democratisch land als Nederland dit stevig moet aanpakken en dat een bevriende natie als de VS daar graag zijn hulp voor aanbiedt. Op die manier had hij er nog een positieve boodschap aan kunnen koppelen.
Wie gelooft die Pete Hoekstra nog?
Terwijl ik dit schrijf, hoor ik het ANP-nieuws. Drie dagen nadat hij tijdens zijn persconferentie zijn bok had geschoten, gaat het weer over Pete Hoeksktra. Hij zou landen door elkaar hebben gehaald vandaar zijn misverstand over Nederland. waarom blijft die man zo doorstuntelen? Waarom behoedt niemand die man voor nog meer pr-ellende? En intussen denken zowel voor- als tegenstanders van Pete Hoekstra: wie gelooft die man nog…
Over de auteur
Evert van Wijk woonde en werkte de voorbije 30 jaar afwisselend in Vlaanderen en Nederland. Hij is crisiscommunicatieadviseur, mediatrainer en auteur van verschillende boeken over mediatraining en debattechniek (www.mediatrainingbenelux.nl ). Ook schrijft hij boeken over cultuurverschillen tussen België en Nederland. www.cultuurverschillenbelgienederland.nl ) door MediaTrainingBenelux | nov 13, 2017 | Crisiscommunicatie, crisiscommunicatie/crisis
Crisiscommunicatie bij de crisiscommunicatiespecialisten
Bewijs je #Bartdepauw een dienst om als crisiscommunicatiebureau in de media te verklaren dat je hem bijstaat in zijn crisiscommunicatie in verband met #metoo? Door dit in de media te bevestigen, riepen de crisiscommunicatiespecialisten van Whyte ook een crisis over zich af. Zeker toen het communicatiebureau in verband werd gebracht met fake-accounts op Twitter die positief over #Bartdepauw berichten de wereld in zouden hebben gezonden.
Vertrouwelijkheid is ons motto, schrijft het in crisiscommunicatie gespecialiseerde bureau Whyte op zijn website
Daarom snap ik niet dat het bureau, al dan niet desgevraagd, publiekelijk in de media verklaard heeft dat het #Bartdepauw bijstaat in zijn crisiscommunicatie. Daarmee bewijs je bovendien ook je klant geen dienst. Algauw ontstaat dan het beeld dat #Bartdepauw zijn eigen boontjes niet kan doppen. Er zal dus wel meer aan de hand zijn…
Naamsbekendheid en reputatie zijn twee verschillende dingen
Waarom Whyte dit naar buiten brengt is mij een compleet raadsel. Als het is om wat extra naamsbekendheid op te bouwen dan is ze daar in geslaagd… Maar naamsbekendheid en reputatie zijn twee verschillende dingen. Zeker toen het bureau vervolgens in verband werd gebracht met mogelijke fake-accounts op Twitter die stelselmatig positieve berichten over #Bartdepauw naar buiten brachten. Het bedrijf ontkende dit categorisch. Maar intussen was het kwaad wel geschied. Het bericht verscheen zowat in alle media.
Waar rook is, is vuur, denken veel mensen automatisch. In die zin was het naar buiten treden van Whyte wel geslaagd als het om het verhogen van de naamsbekendheid ging, maar in hoeverre die naamsbekendheid als positief wordt ervaren, daar hoef ik geen tekeningetje bij te maken…
Crisiscommunicatie: als je fout zit, begin dan met je te verontschuldigen
Nu wil ik niet het beeld schetsen dat het bij Whyte allemaal kommer en kwel is. Het advies van het communicatiebureau aan #Bartdepauw om niet af te wachten maar om zelf naar buiten te treden was uitstekend. Ook de wijze waarop: alsof het filmpje spontaan in elkaar was gestoken en dat er dus geen mediastrategie van een communicatiebureau achter zat, werkte heel goed. Al vind ik persoonlijk dat hij zijn excuses, als hij mensen gekwetst zou hebben, in dit filmpje wel wat meer had mogen aanzetten. Ook dat is een gouden regel in de communicatie: als je fout zit, begin dan met je uitgebreid te verontschuldigen.
Communiceer het verhaal ook op je eigen website
Ook reageerde Whyte uitstekend op de beschuldigingen als zou het bureau kwalijke fake-accounts hebben ingezet om de beeldvorming bij te sturen. Al vond ik het wel weer een tekortkoming dat Whyte op de eigen website ( op 13 november om 14.00 uur) nog altijd niet even een wat uitgebreidere tekst en uitleg hierover had gegeven. Snel alsnog doen dus, jongens en meisjes van Whyte, is mijn ongevraagd advies.
Doe nooit publiekelijk uitspraken over klanten!
Er is een gezegde in de communicatiesector dat ongeveer als volgt luidt: “als je arts, advocaat of communicatieconsultant bent, zeg dan nooit iets publiekelijks over je klanten”. Doe je dat wel, dan zit je voor je het goed en wel beseft, zelf mede in de shit.
Ook ik heb in mijn communicatieloopbaan meermaals de situatie meegemaakt dat ik door een journalist gebeld wordt met de vraag of ik als mediatrainer of crisiscommunicatieadviseur voor een bepaalde klant werkte die op dat moment negatief in het nieuws was. Mijn antwoord luidde dan steevast: “ik doe nooit uitspraken over mensen die klant zijn of klant kunnen worden”.
Hoe een journalist ook aandrong: met dat antwoord moest hij het mee doen…
Over de auteur
Evert van Wijk woonde en werkte de voorbije 30 jaar afwisselend in Vlaanderen en Nederland.
Hij is crisiscommunicatieadviseur, mediatrainer en auteur van verschillende boeken over mediatraining en debattechniek.
Ook schrijft hij boeken over cultuurverschillen tussen België en Nederland
door MediaTrainingBenelux | nov 7, 2017 | Crisiscommunicatie, crisiscommunicatie/crisis, Mediatraining Algemeen, Omgaan met de media
Mediatraining helpt bij journalistieke overval
Praat nooit met de media als je geen verhaal hebt voorbereid, want je bent geheid binnen de kortste keren ‘dead meat’, zeg ik altijd tijdens mediatraining. Maar hoe pak je de zaak aan als je plotseling door Tros Radar of op z’n ‘Rutgers’ door de camera wordt overvallen? Zelfs voor mensen die al heel wat mediatraining in hun leven gehad hebben, blijkt dat niet altijd even eenvoudig. Maar het leren omgaan met een journalistieke overval is in een goede mediatraining wel degelijk te leren.
Mediatraining gaat niet alleen over regie houden over je boodschap
Je hoeft s’-avonds maar naar het journaal te kijken en er is een grote kans dat je getuige bent van een of meerdere journalisten die ongevraagd een politicus bespringen. Degenen die weten hoe ze die journalisten op een professionele wijze van zich af weten te schudden, haal je er meteen uit. Ze blijven vriendelijk glimlachen, tonen begrip voor de journalist die tenslotte ook zijn werk moet doen, blijven niet stilstaan, maar stappen met ferme treden naar hun bolide of de deur van de vergaderzaal, terwijl ze vermijden om inhoudelijk op de vraag in te gaan. Wel leggen ze vaak uit waarom ze nog niet kunnen reageren of vertellen ze dat er binnenkort zeker nog een reactie zal volgen.
Mediatraining gaat ook niet alleen over het omgaan met vraagvalkuilen
Ook bedrijven hebben in toenemende mate met een journalistieke overval te maken. Eigenlijk is vandaag de dag iedereen met een camera journalist. En als je op een vlog of op de lokale omroep een bok schiet ter grootte van een olifant, dan zit je voor je het weet ’s-avonds in het NOS-journaal. Daarom gaat een goede mediatraining al lang niet meer alleen over regie houden en leren omgaan met de vraagvalkuilen.
Mediatraining moet ook gaan over omgaan met een journalistieke ambush
Mediatraining moet vandaag de dag ook gaan over de vraag hoe je omgaat met een journalist die met een camera op een dag ongenood uw bedrijf binnenvalt. Ben je als bedrijf slachtoffer van een ambush dan is het zaak om door de kijkers vooral aardig gevonden te worden en de confrontatie zo kort mogelijk te houden. Hoe je dat doet is niet altijd eenvoudig. Ga in ieder geval nooit in discussie voor het oog van de camera. Dat is natuurlijk wel precies wat de journalist graag zou willen hebben, maar daar moet u echt niet intrappen. Het levert voor hem natuurlijk wel spannende tv op, maar het is killing voor uw beeldvorming.
Mediatraining maakt van u het ‘meewerkend voorwerp’
Tijdens een goede mediatraining leert u in de eerste plaats hoe u in de ogen van de kijker het ‘meewerkend voorwerp’ wordt. Dat doe je door te verklaren dat de klacht of ‘whatever it is’ waarover u ‘ge-ambusht’ uiterst serieus neemt. Geef ook meteen aan dat je er snel op terug gaat komen, of je de contactgegevens van de journalist mag noteren, zodat je snel een afspraak kunt maken.
De journalist zal natuurlijk blijven aandringen de afspraak nu meteen te willen hebben. Blijf kalm en herhaal dat het nu niet kan. Maar dat het, zoals gebruikelijk, wel kan na een afspraak. Bied hem vooral geen koffie aan, zoals door sommige mediatrainers wel eens geadviseerd wordt. Blijft hij intussen doorfilmen, verzoek hem rustig te stoppen. Leg uit dat hem geen toestemming is verleend. Mocht hij toch blijven doorgaan, herhaal uw verzoek op rustige wijze en voeg er aan toe dat u de politie gaat bellen, mocht de journalist blijven volharden. Blijft hij ondanks alles toch doorfilmen, voeg dan de daad bij het woord en bel de politie.
Mediatraining is vooral ook vlieguren maken
Mediatraining leer je niet alleen uit een boekje, zeg ik altijd. Omgaan met lastige journalisten is vooral ook doen, doen en nog eens doen, ofwel vlieguren maken. Zeker het oefenen van een overval kun je vaak niet genoeg doen. Veel elementen, zoals het durven weglopen als je door een horde journalisten wordt overvallen, gaat vaak tegen onze basale gevoelens van fatsoen in. Daarom vergt een journalistieke overval de nodige oefening en doortastendheid. Eigenlijk is het een evenwichtsoefening tussen assertiviteit en empathie. Maar het omgaan met de journalistieke overval is tijdens mediatraining wel degelijk te leren!
Bent u op zoek naar een mediatraining waarin u leert omgaan met de journalistieke overval, bel 06 427 797 41 of mail naar info@mediatrainingbenelux.com en we nemen asap contact met u op.