Via de vorige nieuwsitems kon je hoofdstukken 1 tot en met 8 downloaden van ons mediatrainingsboek MEDIATRAINING TOTAAL – Alles wat je moet weten voor een succesvol mediaoptreden. Nu hebben we de hoofdstukken 9 en 10 voor je klaargezet, die ook weer vol tips en anekdotes staan waarmee je de regie kunt pakken én houden bij interviews.
In hoofdstuk 9 lees je hoe mediacommunicatiemanagement er in de praktijk uitziet; hoofdstuk 10 gaat over de werking van het nieuwsmechanisme.
Hieronder vat ik de tips uit de eerste 8 hoofdstukken voor het gemak voor je samen.
Hoofdstuk 1 – voorbereiding
- Behandel journalisten als gelijkwaardige. Jij bent een specialist, maar de journalist is het ook. Behandel hem niet vanuit de hoogte, kies ook niet voor de underdogpositie
- Wordt nooit boos en toon geen irritatie (noch verbaal, noch non-verbaal)
- Als de journalist je onwelgevallige vragen stelt, voorkom dat een interview een bokswedstrijd wordt
- Je mag een kritische vraag gerust hard pareren, maar speel altijd op de bal, nooit op de man.
Hoofdstuk 2 – C’est le ton qui fait la musique
- Inhoud is natuurlijk belangrijk, maar communicatie doe je vooral op relatieniveau. Met andere woorden: hoe je iets zegt, is vaak nog belangrijker dan wat je zegt
- Spanning is goed en helpt meestal om te focussen. Maar een teveel aan stress kan je doen blokkeren. Schud een teveel aan stress letterlijk van je af
- Keep it Short and Simple, ofwel, pas het KISS-principe toe. Niet het aantal argumenten, maar de relevantie ervan telt
- Praat in beelden
- Wees tijdens je publieke optredens NIET jezelf. Blijf WEL dicht bij jezelf. Hanteer een stijl die bij je past
- Framen, of ergens een ander betekeniskader aan geven, is een handige techniek om op efficiënte wijze je punten te maken. Je kunt het doen in woorden, maar ook in beelden.
Hoofdstuk 3 – De kracht van non-verbale communicatie
- De kracht van non-verbale ondersteuning van je boodschap bepaalt voor meer dan 90% het oordeel dat de kijker/luisteraar over je heeft. Wees je bewust van je oogcontact, je gezichtsexpressie, stemvariatie, handen- en voetengebruik, en je woord- en taalgebruik.
Hoofdstuk 4 – empathie en assertiviteit
- Een goede inhoudelijke voorbereiding is onontbeerlijk
- Houd altijd een duidelijke doelstelling of centrale boodschap voor ogen
- Perception is reality: niet de feitelijke waarheid telt, maar wat door het publiek als de waarheid wordt ervaren
- Als je erin slaagt om tijdens het interview en goede sfeer te creëren dan zal dat ook in het uiteindelijke artikel zijn weerslag hebben
- Gedrag kan je aanpassen, maar je persoonlijkheid niet.
Hoofdstuk 5 – Voorbereiding en optreden in de media
- Bereid je voor op ambush-interviews
- Zorg voor een opvangruimte voor de media
- Instrueer/train de receptiemedewerkers en securitymensen in ambush-interviews en overige do’s & dont’s
- Blijf rustig en beheerst
- Schroom niet om de beveiliging of zelfs de politie in te schakelen als journalisten het te bont maken
- Als de situatie het toelaat: houd altijd een voorgesprek alvorens je toezeggingen doet.
Hoofdstuk 6 – Optreden voor radio, televisie en online media
- Ga je live of liever niet? Bij live kan het interview niet naar de vaantjes worden geknipt
- Begin met het belangrijkste, geen inleidingen, val met de deur in huis
- Blijf niet in de toestand hangen, leg uit welke acties/plannen je hebt en wat dit voor je doelgroep betekent
- De kledingcultuur is de laatste jaren veel veranderd. Trek vooral iets aan wat lekker zit en niet teveel afleidt
- Je praat met de journalist, niet met de camera. Tenzij je camera statements geeft of als je via een remote tv-studio meestal live in de uitzending zit
- online interviews worden steeds meer gemeengoed. Ook hier praat je met de camera en let je op de achtergrond
Hoofdstuk 7 – De belangrijkste valkuilen tijdens interviews
- Wees je bewust van de belangrijkste vraagtechnieken. Vooral speculatieve vragen, suggestieve vragen en het al dan niet opzettelijk verkeerd samenvatten (reframen) van journalisten, zijn veel voorkomende valkuilen.
- Negatieve en bedreigende vragen kun je vaak zelf reframen (herformuleren) door op zoek te gaan naar de werkelijke intentie van die vraag om die vervolgens op een mildere wijze te herformuleren
Hoofdstuk 8 – Over de kunst van het debatteren en presenteren
- Verwar een debat niet met een discussie. De doelstelling van een debat is verschillen uit te vergroten, terwijl men bij een discussie vaak juist tot elkaar wil komen
- Tijdens debatten ga je anders met de journalist/moderator om. Hij wordt geacht neutraal te zijn en daar moet jij je voordeel mee doen. Toch zijn debatten vaak moeilijker dan kritische persinterviews omdat het gevaar van vele kanten kan komen
- Maak van overtuigen geen aftuigen. Met andere woorden: sla iemand niet knock-out met je argumenten, ook debatteren doe je op relatieniveau
- Wissel af in debatstrategie: aanvallen, verdedigen en vermijden. Als je in een riante positie zit, val dan niet teveel aan want dat doe je eigenlijk vooral als er nog veel te winnen valt. Vragen stellen tijdens het debat kan soms heel effectief zijn en komt minder aanvallend over
- ‘Wie stelt, moet bewijzen’ is vooral in het debat een gulden regel
- Heb een duidelijke doelstelling voor ogen voor je met de voorbereiding van je presentatie begint. Wil je informeren, beïnvloeden of tot actie aanzetten?
- Goed presenteren is vooral luisterend presenteren. Dit lijkt met elkaar in tegenspraak, maar er zijn veel mogelijkheden om toch tot interactie te komen met de mensen in de zaal
- Breng afwisseling in je persoonlijke presentatie: varieer in snelheid, moduleer, doe aan story telling, stel retorische vragen
- Zorg dat je een duidelijke structuur in je presentatie aanbrengt en geef die ook aan in het begin van je presentatie. Zo’n routekaart creëert belangrijke ankerpunten bij je toehoorders
- Probeer bij situaties waarbij lastige mensen je presentatie naar de knoppen willen helpen, goed te peilen hoe de sfeer bij de rest van de zaal is. Is die neutraal of positief naar jou toe, probeer de lastposten dan te isoleren
- Hoe gelikt audiovisuele hulpmiddelen er ook uit mogen zien, het zijn en blijven hulpmiddelen. Als je zonder kunt, komt de presentatie vaak veel meer vanuit jezelf en zal je presentatie vaak nog beter overkomen.
Je downloadt de hoofdstukken 9 en 10 hier. En mocht je vragen hebben of een keer voor de camera willen oefenen: onze contactgegevens vind je op https://www.wisse-worldcom.nl/contact/
