Spikes kras op blazoen boze Dafne Schippers?

Ze ging voor goud, maar behaalde zilver. Het was een grote tegenvaller voor Dafne Schippers en ook voor het Nederlandse volk. We blijven natuurlijk massaal achter haar staan! Maar toch vraag ik me als communicatiedeskundige af of  er niet een kleine kras op het blazoen van haar is gekomen toen de boze Dafne Schippers gefrustreerd haar spikes tegen de grond knalde, nadat ze net naast de gouden plak had gegrepen.

Niets democratischer dan sport

Sport is emotie. Sport is ook kunnen incasseren. Maar sport draait vooral om sportiviteit. Ik snap best dat een topsporter zich gefrustreerd voelt als hij of zij de gedoodverfde favoriet is en dan toch naast de hoofdprijs grijpt. Je hebt daar immers jaren voor getraind en gevochten. Maar hetzelfde geldt ook voor je tegenstanders. Degene die het verst, het hoogst, het hardst gaat of de meeste punten scoort gaat er met de hoofdvogel vandoor. Eigenlijk is er niets democratischer dan sport.

Daarom heb ik het er altijd moeilijk mee als topsporters bij wie het eens tegen zit hun racket boos tegen de grond knallen of in het geval van Dafne Schippers hun spikes woedend wegwerpen en het vervolgens ook niet kunnen opbrengen om samen met de winnares van de gouden medaille een ereronde door het stadium te lopen, schrijft de Volkskrant.

Mediatraining voor topsporters

Bij sport gaat het om winnen of verliezen. Niks is mooier dan op het hoogste schavot gelauwerd te worden, maar ik vind het ook heel mooi als de verliezer in de winnaar zijn of haar meerdere erkent. Dat hoort er ook bij en als topsporter en professional moet je je dit ook realiseren. Je bent immers niet alleen in beeld tijdens de wedstrijd zelf, maar ook vaak erna. Wellicht weet Dafne Schippers dat ook, want op haar niveau heeft ze ongetwijfeld al heel wat mediatraining gehad. Ik zeg dan ook niet voor niks met de grootste nadruk tijdens mediatraining tegen mijn opdrachtgevers dat contacten met de media pas voorbij zijn als je buiten gezichts- en gehoorbereik bent…

Allsecur : wel reclame maken, maar niet willen verkopen

Wel reclame maken, maar niet willen verkopen. Dat was samengevat mijn kennismaking met Allsecur. Al vaker heb ik gemerkt dat als er maar net iets afwijkt van de standaardprocedure dan gaat het fout bij veel (overheids)bedrijven.

Wat was er aan de hand: ik had in verband met mijn verhuizing naar Nederland mijn auto op 23 juni ingevoerd. De dag erop vertrok ik naar het buitenland, maar toen ik een kleine maand later weer thuis kwam, lag er een brief van de RDW dat ik de auto op straffe van een geldboete onmiddellijk moest verzekeren. Op zoek dus naar een verzekeringsmaatschappij.

De auto is niet verzekerd, dus we kunnen hem niet verzekeren…

Via internet kwam ik bij Allsecur uit en ik vulde de gegevens in. Maar plots kwam er een schermpje te voorschijn met de melding om via de telefoon contact op te nemen met de helpdesk omdat de auto net was ingevoerd. Zo gezegd, zo gedaan. Ik kreeg een vriendelijke dame aan de telefoon, genaamd Ellen. Maar Ellen had geen goed nieuws voor mij, want omdat de auto niet verzekerd was, kon de auto niet verzekerd worden. Ik wees haar er vervolgens op dat de auto nog altijd verzekerd was in het land van herkomst, maar ze bleek niet te vermurwen.

Ik dacht bij mezelf: dat vriendelijke vrouwtje kan er ook niks aan doen, maar alvorens het gesprek te beëindigen, vroeg ik of ze me misschien een mailtje kon sturen waarin ze me bevestigde dat mij de verzekering geweigerd werd. Ik kon dan aantonen bij de RDW dat ik van goede wil was en wel degelijk de auto wilde verzekeren. Ellen legde daarvoor begrip aan de dag, maar ze moest hierover wel eerst intern overleg plegen en ze zou me hierover later terugbellen.

Overtuigend argument: Allsecur heeft geen verzekeringsplicht…

Ellen was niet alleen vriendelijk, maar ze hield ook nog woord. Binnen het kwartier belde ze terug, alleen had ze geen goed nieuws voor mij: Allsecur wilde me niet verzekeren en ze wilde ook niet zeggen waarom Allsecur dat niet wilde. “Bovendien had Allsecur ook geen verzekeringsplicht”, voegde ze er nog met een verontschuldigend stemmetje aan toe. Tja, tegen zo’n overtuigend argument kon ik natuurlijk niet op…

Gauw even verder gezocht op internet en een halfuurtje later was mijn auto elders verzekerd, maar ik vraag me toch af waarom zo’n maatschappij miljoenen aan reclame uitgeeft om vervolgens zonder een afdoende verklaring nieuwe klanten te weigeren?

Over de auteur: Evert van Wijk geeft mediatraining aan bedrijfsleiders, woordvoerders en politici in Nederland en België

Neelie Kroes breekt interview af

“Zullen we stoppen, ja?” Met die woorden breekt Neelie Kroes abrupt het interview af dat ze met de Vlaamse VRT had. De meningen over haar mediaoptreden zijn verdeeld. Had ze dat niet handiger kunnen aanpakken? Ik denk van wel: ‘its all a matter of timing’…

Een interview afbreken, hoe doe je dat?

Tijdens een mediatraining oefen ik vaak situaties hoe je het best een interview kunt afbreken dat de verkeerde kant op dreigt te gaan. Dat begint eigenlijk al tijdens het voorgesprek. Daarin geef je aan niet veel tijd te hebben, maar dat je snapt dat de journalist ook zijn werk moet doen en dat je hem daarom graag even terwille wilt zijn. Zo creëer je al schaarste. Ook geef je aan wat je vooral naar voren wilt brengen en waar je, liefst met redenen omkleed, het (nog) niet over kunt hebben.

Journalisten hebben niet het alleenrecht

Mocht vervolgens tijdens het interview ’t toch de verkeerde kant opgaan, probeer dan net als Neelie Kroes de ‘nasty questions’ duidelijk en zakelijk te beantwoorden. Maar onthoud wel dat niet de journalist het alleenrecht heeft om het interview te beëindigen. Als geïnterviewde heeft u net zo goed dat recht. Maar zorg dan wel dat je het handig aanpakt en dat je de juiste timing hanteert.

Zo kun je tijdens het interview verwijzen naar het voorgesprek waarin je hebt aangegeven dat je weinig tijd hebt en dat je daarom nu het gesprek moet afronden, mits dat natuurlijk ook aan de orde is geweest tijdens het voorgesprek.

It’s all about timing

Maar het belangrijkste is natuurlijk de timing: wanneer geef je aan dat je het interview wilt afbreken? Het antwoord op die vraag is simpel: dat doe je meteen nadat je het antwoord op de vorige vraag gegeven hebt. Als je daarentegen wacht tot de volgende vraag gesteld wordt, of in het geval van Neelie Kroes, als de journalist nog volop bezig is de vraag te stellen en je dan pas op het idee komt om het interview af te breken, dan ben je te laat. Dat komt over alsof je alsnog voor die onwelgevallige vraag op de vlucht gaat. Zo zie je maar: zelfs gepokt en gemazelde politici als Neelie Kroes, zijn nooit te oud om te leren…

Waarom kamerleden beter voortdurend mediatraining volgen

Toen ik de wetenschapper Geert Walling vandaag in Buitenhof zag, dacht ik onmiddellijk dat het wellicht nog nooit zo belangrijk is geweest als nu dat kamerleden voortdurend intensief mediatraining volgen, willen ze boven komen drijven.

Walling zegt namelijk dat kamerleden een steeds nadrukkelijker drang hebben om zich in de media te profileren. Volgens de wetenschapper doen ze dat vooral door zich meer dan vroeger te laten leiden door wat nieuws is. Zo blijkt uit zijn onderzoek dat zo’n 57% van de kamervragen verwijzen naar onderwerpen waarover aandacht was in de media. Hiermee zoeken kamerleden een sterkere profilering, is één van zijn conclusies.

Mediacratie

Kamerleden zijn zich dus steeds meer bewust van het feit dat we in een mediacratie leven. Ze weten donders goed wat de kiezers lezen, beluisteren en bekijken in de media en daar zitten ze als een bok op een haverkist bovenop. In de uitzending wordt het bericht van de Nederlandse Laura aangehaald die in de moslimstaat aangifte deed van verkrachting en prompt zelf de bak indraaide, omdat seks voor het huwelijk daar strafbaar is. De kamerleden stonden bij wijze van spreken in rijen van drie om daar vragen over te stellen.

Profileringsdrang kamerleden

Volgens Geert Walling wordt vandaag de dag in 57% van de de kamervragen verwezen naar de media. Er is duidelijk een steeds duidelijkere persoonlijke profileringsdrang door de kamerleden. Ze hebben met andere woorden een steeds scherpere focus op het publieke debat. Je zou dus kunnen zeggen dat de democratie steeds meer plaats moet maken voor mediacratie.

Bekende Nederlanders als Sylvana geen garantie voor succes

Tegelijkertijd zie je dat kamerleden zich steeds meer gaan profileren op bepaalde thema’s ipv partijprogramma’s. Dit alles heeft tot gevolg dat partijen minder kracht en macht hebben. In plaats daarvan zie je dat persoonlijke profilering belangrijker wordt en dat partijen om die reden bekende Nederlanders aantrekken, zoals Moskowitz , maar dat partijen minder belangrijk worden met fracties met Bekende Nederlanders zoals Sylvana Simons. Al wil de keuze voor BN-ers niet altijd succesvol zijn, zoals bij Moszkowicz het geval was. Politiek wordt dus persoonlijker en dan is het zaak dat je het in de media goed kunt uitleggen…

Nike eist merkvermelding in interview Dafne Schippers

Wat doet een journalist als een sponsor merkvermelding vraagt? Dit gebeurde bij Nike die als voorwaarde stelde dat de naam Nike in het interview met Dafne Schippers genoemd zou worden.

Autoriseren van interviews is in de politiek doodnormaal

Vragen aan een journalist of je een artikel mag nalezen alvorens het wordt gepubliceerd is vandaag de dag doodnormaal. Zeker als een journalist vragende partij is, kun je voorwaarden stellen. TIjdens mediatraining wijs ik de mensen daar voortdurend op, maar toch merk ik dan enige schroom.

Zelf werk ik al jaren voor de politiek en daar gaat er helemaal nooit een verhaal uit alvorens het niet van alle kanten door een leger van voorlichters is geautoriseerd.

Maar wat als een sponsor zoals NIKE van een journalist eist dat zijn naam wordt vermeld? Tja, als de journalist de kans heeft om de populairste sportvrouw van dit moment, Dafne Schippers, te interviewen dan worden de grote journalistieke principes opzij geschoven. Zelfs als die journalist voor de NRC schrijft.

Voor primeurs gaan de grote journalistieke principes snel overboord

Journalisten mogen dan wel zeggen dat ze dikke schijt hebben aan voorlichters en pr-mensen, zoals Rutger Castricum van Pownews onlangs nog in een interview in het inmiddels ter ziele gegane lijfblad van het voorlichtersgilde Communicatie Magazine verklaarde. “Voorlichters zijn lucht voor mij.”

Maar als er een primeur te halen valt, dan heiligt het doel de middelen.

Bang voor de concurrentie van de commerciële zender

Op zich is dat allemaal niet nieuw. Ik schat dat het intussen alweer zo’n 15 jaar geleden is dat een journalist van het journaal een interview vroeg met een CEO van een groot energiebedrijf die ik toen als klant had. Maar in plaats daarvan bood ik hem een door onszelf ingeblikt interview in broadcastkwaliteit aan. Groot protest bij de journalist die zei dat hij zich echt niet voor de publicitaire kar wilde laten spannen. “Take it or leave it”, zei ik. Hij ging snel overstag, bang dat hij was dat de commerciële zender er mee aan de haal zou gaan. ’s-Avonds zat een behoorlijk stuk van het ingeblikte interview in het journaal.

Journalisten zullen het niet snel toegeven, maar voorlichters en pr-mensen zijn en blijven voor hun een belangrijke bron…